08/06/2026
Sjoerd vertelt; Toen makelaars nog geen Funda hadden
In het jubileumjaar van Makelaarswerk blik ik regelmatig terug op bijzondere momenten uit het vak. En ja, inmiddels ben ik 52 jaar, Heit én Pake. Dat geeft je officieel het recht om verhalen te beginnen met: “Vroeger was alles anders…”
Toen ik begon als assistent-makelaar bestond Funda nog niet. Sterker nog, internet speelde nauwelijks een rol. Kwam er een woning te koop, dan gingen we eerst naar de fotograaf. Een echte winkel, weet u nog? Daar kochten we fotorolletjes voor onze peperdure camera's. Die kostten gerust duizend gulden, en daar was je zuiniger op dan op je eigen auto.
Bij een woning maakten we overigens niet veertig foto's zoals tegenwoordig. Geen foto's van de keuken, badkamer, garage of de gezellige hoekjes in de tuin. Nee, meestal maakten we één foto van de voorkant. En als de zon scheen én er geen auto voor stond, vonden we dat al pure luxe.
Het fotorolletje brachten we vervolgens terug naar dezelfde fotograaf, met het standaardverzoek: “Kan het met spoed?” Een paar dagen later haalden we de afdrukken op. Die werden zorgvuldig op een A4 geplakt, met daaronder een keurig getypte tekst. Dat velletje kreeg vervolgens een ereplaats in de etalage.
De negatieven stuurden we per post naar de NVM. Daar konden flyers van worden gemaakt, die na enige tijd – ook weer per post – binnenkwamen. Vervolgens mochten we met een stempel onze bedrijfsgegevens erop zetten. Marketing anno jaren negentig.
Belangstellenden kregen zo'n kaartje mee naar huis om alles rustig door te lezen. Daarnaast was er het NVM Magazine, een dikke bundel met het complete woningaanbod. Die kostte een rijksdaalder. Ja, u leest het goed: mensen betaalden geld om huizen te mogen bekijken. Tegenwoordig zou dat waarschijnlijk een storm aan boze reacties op sociale media opleveren.
Typefouten? Die bleven gewoon wekenlang staan. En een woning die inmiddels verkocht was, stond soms nog vrolijk in het volgende magazine. Ook toen werden huizen namelijk verkocht, soms verrassend snel.
Op kantoor had ik een Rolodex staan. Voor de jongere lezers: dat was een soort analoge database. Een ronddraaiend kaartenbakje met namen en telefoonnummers van woningzoekers. Kwam er iets nieuws op de markt, dan bladerden we door die kaarten en gingen we bellen. Dat was het zoekprofiel van toen.
De tijden veranderen. Misschien verdwijnt Funda ooit ook weer of ziet het er over tien jaar totaal anders uit. Dat is prima. Wat niet verandert, is dat mensen hun droomhuis willen vinden en dat zichtbaarheid essentieel blijft voor een succesvolle verkoop.
Tegenwoordig plaatsen we standaard tientallen foto's, video's, dronebeelden, 3D-plattegronden, energielabels en funderingschecks. Straks lopen we vanuit onze luie stoel virtueel door een woning alsof we er echt zijn. Prachtige ontwikkelingen, en ik geniet daarvan.
Maar onlangs herinnerde mijn oude leraar Theun mij aan een eenvoudige waarheid. Hij zei:
“Sjoerd, alles verandert, maar één plus één blijft twee.”
En daar zit de kern van ons vak. Technologie verandert, platforms veranderen en de presentatie wordt steeds mooier. Maar kopers zoeken nog steeds advies bij een belangrijke beslissing. En verkopers willen hun woning veilig, verstandig en tegen de beste voorwaarden verkopen.
Dat was dertig jaar geleden zo. Dat is vandaag zo. En dat zal over dertig jaar nog steeds zo zijn.
Prachtig werk, dat Makelaarswerk. Al 20 jaar. En gelukkig nog lang niet uitgeleerd.